CHRISTELIJKE GEREFORMEERDE KERK

KORNHORN

  

Kinderlied 

 

ELB 428

Dit is m'n hand en dat m'n voet/ 'k Heb ze allebei nodig
Waar moet ik heen als héén het niet doet/ Niets is er overbodig
'k Heb m'n voeten nodig om te lopen/ En m'n handen om m'n schoenen vast te knopen
Hand voet knie oog oor neus keel/ Alles is nodig niets teveel
Alles is nodig niets teveel

M'n hand kan niet zeggen tegen m'n voet/ Ik heb jou niet nodig
Stel je es voor dan ging het niet goed/ Niets is er overbodig
Want al kan ik met m'n handen ballen/ Zonder m'n voeten zou ik op m'n snufferd vallen
Hand voet knie oog oor neus haar/ Alles is nodig voor elkaar
Alles is nodig voor elkaar

Ik ben de hand en jij de voet;/ wij zijn allebei nodig.
Wat ik niet kan, kun jij juist goed./ Niemand is overbodig.
Jij bent gemaakt om mee te spelen,/ te lachen en te huilen en alles mee te delen.
Niemand is minder, niemand is meer./ Ieder is nodig bij de Heer.
Ieder is nodig bij de Heer.